Visie op het gebied

Arnhem, de landschapsstad

Er zijn in Nederland bijna geen steden zo mooi gelegen als Arnhem. Achter het station begint de Veluwe al die met het onvolprezen park Sonsbeek de stad in prikt. Landgoederen met kastelen, bossen en heides vol met wild volgen elkaar op in dit eindeloze natuurgebied.
En 500 meter de andere kant op, tegen het stadscentrum aan ligt al weer de Rijn. Daarachter uitgestrekte uiterwaarden die soms volledig onder water staan, waar een paar eeuwenoude gehuchtjes in liggen en de bever burchten bouwt. Zo’n stad vind je nergens.

Volwaardig onderdeel
Maar in tegenstelling tot de Veluwezoom, die al eeuwenlang gekoesterd wordt en waar Arnhem zo’n vanzelfsprekende relatie mee heeft, is de relatie met het uiterwaardengebied van Meinerswijk en Stadsblokken nog niet zo sterk.
Tot nog maar kort geleden was dit een gebied van industrie, klei- en zandwinning en werd er soms nogal achteloos mee omgesprongen. Nu die activiteiten nagenoeg verdwenen zijn, ligt daar de kans ook dit gebied tot zijn recht te laten komen zodat het een volwaardig onderdeel wordt van Arnhem; het ligt er nota bene precies midden in.

Verbeteren zwakke plekken
De gemeente is al aan de slag gegaan met verbeteringen in het eigen deel van het gebied (zoals de aanleg van een de nevengeul in de Groene Rivier, een nieuw fietspad en het verbinden van de ‘plas van Bruil’ met de Rijn). Met het plan De Eilanden 2.0 wordt het mogelijk om ook de zwakke plekken in het gebied aan te pakken.
Die zwakke plekken zijn Stadsblokken en het fabrieksterrein Meinerswijk; een voormalig eiland en een nog werkend industrieterrein. Deze vormen barrières tussen de stad en het daarachter gelegen Meinerswijk in. Daarmee staan ze een goede relatie tussen Arnhem en het rivierengebied in de weg.

Desolaat Stadsblokken

Stadsblokken, het eiland in het rivierengebied tussen de bruggen, met haar verscholen havens tegenover het centrum, is ondanks deze ligging een gebied waar de meeste Arnhemmers nooit geweest zijn. Er ligt de Haven van Coers met haar drijvende dorpje en het Watersportcentrum Arnhem, maar verder is het gebied vooral het voormalig industrieterrein waar de industrie is opgeruimd en een desolaat, schimmig gebied is achtergebleven.

Storend fabrieksterrein

Het tweede gebied dat erom vraagt om aangepakt te worden is het fabrieksterrein ten westen van de Nelson Mandelabug. Door dit lelijke fabrieksterrein wordt vanuit het Noorden, het zicht over de rivier op Meinerswijk ontnomen. Ook fysiek staat het de relatie met Meinerswijk in de weg: het is een ontoegankelijk terrein, waardoor de oevers van Rijn bijna helemaal ontoegankelijk zijn.

Twee eilanden transformeren, geen bebouwing in bestaand natuurgebied Meinerswijk
21_buroharro_behouden-transformeren

Doel van plan De Eilanden is om alle energie te concentreren op het transformeren van deze twee cruciale locaties tot levendige, dynamische plekken waar ruimte is voor natuur én cultuur. Twee eilanden die de schakel kunnen gaan vormen tussen stad en uiterwaardengebied, waardoor de sprong over de Rijn écht wordt gemaakt.
Bovendien krijgt de Arnhemmer er hierdoor kilometers toegankelijke oevers en strand bij! De polder Meinerswijk zelf blijft onaangetast, maar wordt wel beter toegankelijk en bereikbaar. De overgrote delen van het hele gebied zijn al goed, en laten we dus voor wat ze zijn. Hier en daar zijn nog verbeteringen mogelijk, maar grootschalige transformatie is niet nodig en ook niet gewenst.
Uitgangspunt is dus: géén bebouwing in natuurgebied Meinerswijk; behouden van alles wat al goed is en transformatie van de plekken die dat nodig hebben.

Oevers zijn van iedereen

22_buroharro_oevers-van-iedereen
Een groot aantal oevers is nu niet of nauwelijks voor het publiek toegankelijk en wordt dat straks wel. Bovendien komen er door de vergroting van de waterpartij in Meinerswijk ook nieuwe oevers bij.

Zowel voor Stadsblokken als voor Meinerswijk geldt als basisprincipe dat de oevers voor iedereen zijn. Toegankelijk en beleefbaar. Het grote gemis in Arnhem dat je bijna nergens de oevers van de Rijn aan kan raken en beleven wordt hier dus ruimschoots gecompenseerd. Dat betekent een aantal nieuwe lange lijnen die aantrekkelijke routes vormen, door Meinerswijk, over Stadsblokken en tal van mooie verblijfplekken.
Dat betekent ook dat de verleiding moet worden weerstaan om langs die oevers watergebonden functies te plaatsen die die openbaarheid van de oevers juist in de weg staan, zoals woonboten, drijvende woningen etc. Die leiden altijd tot privatisering van de oever en onzichtbaarheid van het water, en gaan bovendien gepaard met allerhande infrastructuur die de continuïteit van de oever doorbreken. Ook geen tuinen die doorlopen tot aan het water (zoals we langs andere delen van de Arnhemse Rijnoevers aantreffen) dus.

 

Volgend onderwerp: Woningbouw, waar en waarom?